Heggen zijn bedoeld als erfafscheiding of om een stuk grond af te scheiden. Een heg is een strak landschapselement dat in Fryslân vooral op erven voorkomt. Anders dan bij een haag, wordt een heg regelmatig geschoren. Een heg bestaat vaak (grotendeels) uit één soort. Veel voorkomend is de heg met haagbeuk of veldesdoorn.
Wil je een inheemse heg op je erf creëren? Denk dan aan soorten als de haagbeuk, meidoorn, wilde liguster en veldesdoorn.
Een groenblijvende soort die ook ’s winters voldoende privacy biedt is de wilde liguster. Deze soort behoudt zijn blad in milde winters. De wilde liguster is zeer winterhard, herstelt snel in de lente en is robuuster dan de bekendere niet-inheemse haagliguster.
Of kies voor de beuk om een heg van te maken. Die houdt zijn dorre bruine bladeren in de winterperiode vast.
Bekijk de lijst met struikvormers, om te zien welke soorten geschikt zijn voor jouw grond.
1. Plant een heg tussen half november en half maart als het niet vriest.
2. Gebruik voor de aanplant 2-jarig autochtoon bosplantsoen met een maat van ongeveer 80-100 cm.
3. Indien je niet direct al het geleverde bosplantsoen kunt aanplanten, kuil het dan tijdelijk in. Graaf een gat op een vochtige en schaduwrijke plek en plaats het plantsoen er schuin in. De wortels moeten bedekt worden met de vrijgekomen grond.
1. Je kunt een heg in een enkele of een dubbele rij planten. Als je kiest voor meerdere rijen, plant dan in verschoven verband: zet de struiken dus om en om.
2. Het plantmateriaal wordt op korte afstand van elkaar geplant. Houd 3-5 stuks per strekkende meter aan.
3. Span een touw daar waar de heg moet komen te staan. Graaf langs het touw een sleuf die voldoende ruimte biedt aan de wortels. Plaats het plantsoen tegen de zijkant van de gleuf en tegen het touw, zodat in een strakke rechte lijn geplant wordt. Vul daarna de gleuf met de vrijgekomen grond.
1. De nieuwe aanplant dient meteen te worden teruggesnoeid tot tweederde van de lengte zodat zich een brede, vertakte heg zal ontwikkelen.
2. Mocht er vee lopen langs de heg zorg dan voor een goede afrastering zodat het vee het plantsoen niet kan beschadigen. Maak een afrastering op 1 meter afstand van de heg, om de nieuwe aanplant te beschermen.
3. Geef de jonge aanplant met name de eerste 2 jaar na aanplant voldoende water in droge perioden.
4. Houdt de grond rond de heg zoveel mogelijk vrij van onkruid.
1. Een knipheg moet je 1-2 keer per jaar snoeien in het groeiseizoen. Knip een heg altijd wanneer het bewolkt en niet te warm is. Denk erom dat je de onderkant van de heg iets breder houdt dan de bovenkant, zodat de zon ook op de onderkant kan schijnen en het besloten karakter behouden blijft: knip een zogenaamde A-vorm.
2. Een heg kun je voor de langste dag – in mei/juni – een lichte snoeibeurt geven en een zwaardere snoei in de late herfst tot winter. Doe geen zware snoei in het broedseizoen! Vermijd snoeien tijdens felle zon of vorst om schade aan bomen te voorkomen.
3. Snoei een meidoornheg altijd vóór de langste dag van het jaar (21 juni), aangezien de doorns op dat moment nog niet hard en houtig zijn.
Cookies maken je ervaring beter
Wij gebruiken cookies om je ervaring te verbeteren, onze website optimaal te laten functioneren, en gepersonaliseerde inhoud te bieden. Door op 'Accepteren' te klikken, ga je akkoord met ons gebruik van cookies. Wil je meer weten of je voorkeuren aanpassen? Klik dan op 'Bekijk voorkeuren'.