Kom je er niet uit? Hieronder staan een aantal veelgestelde vragen met bijbehorende antwoorden.
Hier vind je antwoorden op de vragen die wij het vaakst krijgen. Staat jouw vraag er niet tussen? Neem gerust contact met ons op. We helpen je graag verder.
Dat hangt af van het grondtype (klei, veen of zand) en wat voor landschapselement je wilt aanleggen (wil je bijvoorbeeld een heg, een singel of solitaire bomen aanplanten?). Lees hier welke inheemse boomsoorten geschikt zijn voor jouw plek.
Soms. De Provincie Fryslân en verschillende andere organisaties hebben regelmatig regelingen voor het aanplanten van bomen en struiken. Op de subsidiepagina vind je alle actuele regelingen en voorwaarden.
Wij geven advies over boomkeuze, aanplant en onderhoud van bomen en struiken zodat je zelf aan de slag kunt gaan. Ga je veel bomen en struiken planten? Organiseer dan een plantdag en vraag vrienden en buren om mee te helpen. Ook kun je zo’n aanplantklus aanmelden op Natuurklus.nl. Uiteraard kun je voor het planten van jouw bomen en struiken ook een hovenier vragen.
Vrijwilligers van de hoogstambrigade van Landschapsbeheer Friesland kun je trouwens vragen voor het snoeien van je fruitbomen.
Het plantseizoen loopt ongeveer van half november tot half maart. Dit is de periode dat bomen en struiken in rust zijn. Met name op drogere locaties heeft het de voorkeur om op tijd te planten. In deze situaties dient er vóór 1 februari te worden geplant.
Zorg ervoor dat je niet plant als het vriest, dat beschadigt de wortels. Mocht het niet mogelijk zijn om het plantmateriaal dezelfde dag te planten, kuil het dan tijdelijk in. Zorg ervoor dat de wortels niet kunnen uitdrogen of beschadigd raken.
Grotendeels wel. Inheemse soorten zijn bomen en struiken die van nature in Fryslân voorkomen. Inheems groen trekt veel meer vogels en insecten aan dan uitheemse soorten en dat is goed voor de biodiversiteit. In een aantal gevallen raden we ook niet strikt inheemse soorten aan (vooral op erven). Deze bomen en struiken zijn vaak wel al eeuwenlang onderdeel van het Friese cultuurlandschap en ook gunstig voor de biodiversiteit.
Met het bomenloket kijken we ook specifiek naar streekeigenheid: welke soorten passen goed bij een regio of streek. Streekeigen soorten zijn bomen en struiken die al lange tijd in een bepaalde Friese regio aanwezig zijn en goed passen bij dat landschap en die specifieke bodem. Door samen streekeigen soorten aan te planten, versterken we het karakter van het Friese landschap. Bomen die je aanplant op de juiste plek zijn bovendien robuuster, dus hebben een betere overlevingskans.
Autochtone planten zijn directe nakomelingen van de planten die zich na de ijstijd hier spontaan hebben gevestigd en zich via natuurlijke uitzaai of door kunstmatige vermeerdering uit lokaal plantmateriaal hebben vermeerderd. Autochtoon plantmateriaal is gunstig voor de biodiversiteit.
We hebben in Nederland – en Fryslân specifiek – niet veel inheemse of streekeigen soorten die groen blijven in de winter. Alleen de wilde liguster, hulst en de klimop beschikken over deze eigenschappen.
Een beuk houdt zijn bladeren in de winterperiode ook vast, maar die zijn dan wel dor en bruin.
De zaden en zaailingen van de gewone esdoorn zijn zeer giftig voor paarden.
Andere soorten die giftig zijn voor paarden: zoete kers, zomereik, gewone vogelkers, hulst, sleedoorn, vuilboom, gewone vlier, trosvlier, wegedoorn, gagel, brem, grove den, beukennootjes, Gelderse roos, wilde kardinaalsmuts en wilde lijsterbes.
Bomen en struiken die giftig zijn voor koeien zijn: zoete kers, zomereik, gewone vogelkers, hulst, sleedoorn, vuilboom, gewone vlier, trosvlier, wegedoorn, brem, grove den, beukennootjes, Gelderse roos, wilde gagel, wilde kardinaalsmuts en wilde lijsterbes.
Er zijn overigens ook veel boomsoorten die juist heel gezond zijn voor dieren. Daarom worden er tegenwoordig veel voederhagen aangeplant voor het vee.
Bomen en struiken die giftig zijn voor schapen zijn: zoete kers, zomereik, gewone vogelkers, hulst, sleedoorn, vuilboom, gewone vlier, trosvlier, wegedoorn, brem, grove den, beukennootjes, Gelderse roos, wilde kardinaalsmuts en wilde lijsterbes.
Er zijn overigens ook veel boomsoorten die juist heel gezond zijn voor dieren. Daarom worden er tegenwoordig veel voederhagen aangeplant voor het vee.
Een Fryske voederhaag bestaat uit streekeigen struikvormers, dat wil zeggen dat er geen grote bomen tussen geplant worden en ook geen soorten die niet in de streek voorkomen. Daarnaast moet je nog opletten of de struiken die je plant niet giftig zijn voor koeien, schapen of paarden. Neem contact op met onze medewerkers voor aanvullend advies.
Cookies maken je ervaring beter
Wij gebruiken cookies om je ervaring te verbeteren, onze website optimaal te laten functioneren, en gepersonaliseerde inhoud te bieden. Door op 'Accepteren' te klikken, ga je akkoord met ons gebruik van cookies. Wil je meer weten of je voorkeuren aanpassen? Klik dan op 'Bekijk voorkeuren'.